De rol van de gemeente bij noodopvang in corona tijd

Afgelopen december kwam het bericht dat de scholen en kinderopvangorganisaties opnieuw hun deuren moesten sluiten. Aan gemeenten is gevraagd om, net als bij de sluiting in het voorjaar, de opvang voor kwetsbare kinderen van 0 tot 14 jaar te coördineren. In dit artikel blikt Mariska, beleidsadviseur onderwijs en jeugd bij een middelgrote gemeente, terug op deze periode. Wat was het verschil met de rol die de gemeente in het voorjaar had? 

“De rollen en verantwoordelijkheden voor de noodopvang periode, waren in december 2020 anders dan in het voorjaar van 2020”, vertelt Mariska. “In het voorjaar waren gemeenten verantwoordelijk voor het organiseren en coördineren van noodopvang voor kinderen met ouders in cruciale beroepen en kinderen in een kwetsbare positie. In december kwam de verantwoordelijkheid voor noodopvang voor kinderen met ouders in een cruciaal beroep en voor kwetsbare kinderen bij de kinderopvangorganisaties en de scholen te liggen. De gemeente had een coördinerende rol.” 

Het was duidelijk merkbaar dat in het najaar de vraag naar noodopvang aanzienlijk was toegenomen in vergelijking met het voorjaar van 2020. Op sommige scholen was de noodopvang richting het najaar zelfs verviervoudigd. De rek was er bij veel gezinnen uit. Waar de noodopvang eerder goed georganiseerd kon worden, liep deze afgelopen najaar vol. Dit zorgde ervoor dat het afstandsonderwijs onder druk kwam te staan. 

Met de vrijheid om zelf invulling te geven aan de noodopvang, werden door scholen en kinderopvangorganisaties creatieve, maar noodzakelijke oplossingen bedacht. Oplossingen die pasten binnen de eigen visie en mogelijkheden, maar die tegelijkertijd zorgden voor verscheidenheid binnen de gemeente. Bijvoorbeeld over het wel of niet (gedeeltelijk) open gaan binnen het Speciaal Onderwijs of het opvangen van doelgroepkinderen die gebruik maken van de Voorschoolse Educatie. 

 

Wat cruciaal was, was het zorgen voor goede afstemming met en tussen alle betrokken partners. Dit gebeurde onder andere in het wekelijkse corona overleg, met de schoolbesturen, kinderopvangorganisaties, leerplicht en andere betrokken (zorg)instanties. In het overleg werd afgestemd hoe kinderen in een kwetsbare situatie zo snel mogelijk in beeld konden worden gebracht. Er werden afspraken gemaakt tussen de jeugdprofessionals, de scholen en leerplicht om preventief te werken en snel te kunnen schakelen. Voordat de scholen dicht gingen, was er zo al contact geweest over de (potentieel) kwetsbare kinderen en de ruimte in de noodopvang. 

 

Verder werden in en rond het corona overleg ideeën en cruciale informatie met elkaar gedeeld en werd voorgenomen besluitvorming gecommuniceerd. Dit laatste was belangrijk, om te zorgen dat partners tijdig op de hoogte waren van elkaars afwegingskaders en keuzes voordat dit naar buiten werd gebracht. Hoewel de situatie binnen iedere organisatie anders is, helpt dit om de samenwerking te optimaliseren en ondanks de verscheidenheid zoveel mogelijk een lijn aan te houden binnen de gemeente. 

 

“Wat ik mee zou nemen, voor een volgende keer? Nou Ik hoop dat die situatie zich niet meer voordoet”, zegt Mariska. Wel benadrukt ze dat afstemming echt de sleutel was. “Waar wij als gemeente eerst de schakel waren tussen de verschillende partijen, merkte ik dat die schakel eigenlijk steeds meer overbodig werd. Partners wisten elkaar beter te vinden, ook buiten het georganiseerde corona overleg om”. Ze hoopt dan ook dat dit een start is, om ook op andere terreinen intensiever afstemming op te zoeken. 

 

Deel dit bericht

Share on facebook
Share on google
Share on twitter
Share on linkedin
Share on pinterest
Share on print
Share on email

Demo aanvragen