Perverse prikkel bij de toegang – Beroepsregistratie in een publieke taak

Steeds meer gemeenten halen hun wijkteams naar binnen en maken een splitsing tussen indicatiestelling (beslissen over de inzet van zorg en ondersteuning) en het bieden van hulpverlening. Veel gemeenten zetten voor de taak van indicatiestelling een SKJ-geregistreerde professional in, zoals artikel 5.1.1 van de Jeugdwet van hen vraagt.

Voor SKJ-geregistreerde professionals geldt het tuchtrecht behorend bij hun beroepsregistratie. Dit betekent dat een geregistreerde professional persoonlijk kan worden beoordeeld op professioneel handelen. Het doel hiervan is dat de kwaliteit van de jeugdhulp blijft groeien, professionals van elkaar leren en dat norm verscheidend gedrag wordt voorkomen (SKJ Kwaliteitsregister Jeugd). Besluiten binnen het sociaal domein worden echter genomen uit naam van het college van Burgemeester en Wethouders. Ambtenaren zijn hierop niet persoonlijk aansprakelijk te stellen. Die verantwoordelijkheid draagt het bestuur van de gemeente.

Dit werpt een aantal vragen op: welke belangen mag een SKJ-geregistreerde professional afwegen in diens taken voor indicatiestelling namens het college?

En 

Hoe verhoudt de persoonlijke aansprakelijkheid van een SKJ-geregistreerde zich tot de Algemene Wet Bestuursrecht waarbinnen besluiten onder verantwoordelijkheid en uit naam van het College van Burgemeester en Wethouders wordt genomen?

Persoonlijke aansprakelijkheid binnen het maatschappelijke belang

Een professional die verantwoordelijk is voor indicatiestelling binnen de jeugdhulp namens het college heeft een weegschaal voor zich op tafel staan. In de ene bak van de weegschaal ligt het belang van het kind. Welke hulp heeft een kind of het gezin nodig om de hulpvraag op te lossen? In deze bak zit het scala van jeugdhulpaanbod variërend van een zelfvertrouwenscursus tot jeugdhulp met verblijf. In de andere bak van de weegschaal ligt de gemeente en het toeziend oog van het college en de gemeenteraad. In deze bak wordt de vraag gesteld wat de hulpvraag van deze jongere mag kosten. Hoeveel gemeenschapsgeld kan er hierin gestopt worden? Welk aanbod is voldoende om de hulpvraag op te lossen binnen de beperkte middelen die er zijn?

Bij een SKJ-geregistreerde professional zweeft het zwaard van Damocles in de vorm van het tuchtrecht boven het hoofd. Een volgens de weegschaal goede verdeling van het belang van de jeugdige en van de maatschappij kan in praktijk leiden tot een tuchtzaak. Dit zorgt ervoor dat op de weegschaal, in de schaal van de jeugdige ook het belang van de SKJ-registratie komt te liggen. Dit kan ervoor zorgen dat bij veel SKJ-geregistreerde de schaal van de jeugdige automatisch een stuk zwaarder weegt dan het maatschappelijk belang. Ook integraal kijken naar andere mogelijkheden binnen de gemeente voor het oplossen van de hulpvraag, schuldhulpverlening of wmo begeleiding voor de ouders, wordt daarmee bemoeilijkt. De opdracht van de consulent vanuit de registratie is immers niet om een integrale afweging te maken, maar om voor het kind te zorgen.

Deel dit bericht

Share on facebook
Share on google
Share on twitter
Share on linkedin
Share on pinterest
Share on print
Share on email

Demo aanvragen